VPT Helpende plus

Steeds meer cliënten van Kennemerhart maken gebruik van het Volledig Pakket Thuis, zoals Hanneke. “Ik krijg hulp als iets me zelf niet meer lukt.” Die hulp krijgt ze onder andere van Helpende Plus VPT Isabel.

Het is donderdag, half één. Helpende plus Isabel is zoals elke week bij de 77-jarige Hanneke in haar zorgwoning naast het Reinaldahuis. “Ik geef twee uur individuele begeleiding”, legt Isabel uit. “Dat is onderdeel van het Volledig Pakket Thuis van Hanneke.” Het VPT geeft zelfstandig wonende ouderen de benodigde zorg en aandacht én alle faciliteiten voor de deur. Het is een persoonlijk pakket, afgestemd op wat de cliënt nodig heeft. Zoals de begeleiding die Isabel vanmiddag geeft. “Isabel heeft één van de belangrijkste banen die er zijn”, vindt Hanneke. “Door ziekte kan ik heel veel dingen niet meer zelf doen. Daar helpt Isabel me bij, samen met haar collega’s. Zij zorgen ervoor dat ik zelfstandig kan blijven wonen, met kwaliteit van leven.”

“Waar kan ik u vandaag bij helpen?” vraagt Isabel. “Met de was graag. Mijn bovenarmen doen het niet goed. Ik kan de was zelf doen, maar niet in de droger stoppen.” Hier ondersteunt Isabel bij. Daarna nemen ze samen de administratie door. “En ik heb dit plantje gekregen”, zegt Hanneke. “Wil jij dat op het balkon zetten? En meteen het appelboompje water geven?” Na wat kleine klusjes is het tijd voor koffie. “Dan praten we altijd. Ik kan bij Isabel kwijt wat me dwars zit. Ze is echt een vertrouweling.” “Waardevolle momenten”, vindt ook Isabel. “Het mooiste aan deze begeleiding vanuit het VPT: ik heb écht tijd voor de mensen. Wandelen, samen boodschappen doen, een cake bakken, een spelletje spelen: het kan allemaal. Ik ben zelfs een keer mee geweest naar het stembureau met een cliënt die graag wilde stemmen.”

“Jullie geven me zoveel meer dan alleen zorg”, vindt Hanneke. “Jullie helpen mij als ik vragen heb of als iets me zelf niet meer lukt.” Het Volledig Pakket Thuis is afgestemd op wat Hanneke nodig heeft, naast de ondersteuning van haar mantelzorgers. “Ik krijg ’s ochtends en ’s avonds thuiszorg. En ‘s middags komt een zorgmedewerker een kwartiertje langs, als extra controlemoment.” Een alarm, warme maaltijden aan huis, huishoudelijke ondersteuning: ook dat zit in haar pakket, net als de individuele begeleiding.

Daarnaast maakt Hanneke gebruik van de faciliteiten van het Reinaldahuis. “Ik ga elke week naar dagbestedingslocatie Reinaldahart en naar de gym.” Ook is ze regelmatig te vinden bij de coffee corner in het atrium. “Heel gezellig. Soms ook samen met mijn kleindochter.” Dan, met een lach: “Die vindt de  kroketten daar zo lekker.”

De warme handen van Jolanda

Overspaarne heeft het Topcare-predicaat, met dank aan de toppers die hier werken. Zoals verzorgende IG Jolanda. “Ik kruip in de huid van bewoners.”

Kennemerhartlocatie Overspaarne is een Topcare-expertisecentrum voor de zorg en behandeling voor mensen met dementie en zeer complex probleemgedrag. “Is iemand onrustig? Dan wil ik weten: wat zit hierachter? Ik kruip in de huid van een bewoner”, vertelt Jolanda. “Ik probeer mee te gaan in iemands belevingswereld. Daarvoor wil ik weten: wat heeft deze bewoner mee gemaakt? Wat zijn iemands hobby’s? Houdt deze bewoner van rock-’n-roll of volksmuziek? Daar kunnen we op inspelen, bijvoorbeeld als de muziektherapeut langskomt met haar gitaar. Of bij de dagelijkse zorg. Zo kwam er een nieuwe bewoonster, die veel heeft meegemaakt in haar leven. Eerst hebben we haar even met rust gelaten, tot ze zich beetje bij beetje wilde laten helpen.” Een ander klein voorbeeld: “Een bewoner deed ‘s avonds thuis altijd de gordijnen dicht en de deur op slot. Dat was hij zo gewend, dus daar gaven wij hem hier ook de ruimte voor.”

Beautydag
Vanuit een onderzoekende houding zoekt Jolanda altijd naar oplossingen. “Zo hebben we een bewoonster die zich moeilijk laat helpen met de dagelijkse verzorging. Toen ze rustig aan de thee zat, zei ik: ‘Van harte, je hebt een prijs gewonnen! Een heerlijke beautydag, met nagels lakken en haren föhnen.’ Ze ging met veel plezier mee. Soms moet de trukendoos open om tot een goed resultaat te komen. Dat doen we altijd in nauw overleg met de familie, en áltijd in het belang van de bewoner.” Om haar werk goed te doen, blijft Jolanda continu leren. “Ik heb laatst een scholing gehad op het gebied van ouderenpsychiatrie. Superinteressant! Ik heb veel opgestoken over verschil lende ziektebeelden. Ook heb ik de scholing gedaan voor KEC-consulent.” KEC staat voor Kennis en Expertise Centrum, een samenwerkingsverband van ouderenzorg organisaties in de regio Kennemerland. “Als consulent kan ik in een ander huis meekijken met het team, om samen tot een oplossing te komen. Bijvoorbeeld bij een casus van onbegrepen gedrag.” Jolanda deelt haar expertise, maar leert ook veel van collega’s om haar heen. “Zo is een collega heel goed in praktische dingen. Bijvoorbeeld: hoe kun je een bewoner verzorgen die de tillift best spannend vindt?” Ervaren en nieuwe medewerkers, leerlingen en stagiairs: iedereen kan van elkaar leren. “En we zijn ook bezig om steeds meer ken nis en kunde uit te wisselen tussen de woonzorg locaties van Kennemerhart.”

Warme handen
Liefdevolle, persoonsgerichte zorg. Een onderzoekende houding. Continu ont wikkelen, leren en expertise delen. Dat is waar Topcare voor staat. En het is –  onbewust – wat Jolanda elke werkdag doet. “Ik heb de wijsheid niet in pacht, hoor. Ik wil gewoon dat bewoners goed verzorgd worden, zoals ik ook voor mijn vader of moeder zou zorgen. Daarom sla ik vaak een arm om bewoners heen die dat fijn vinden. Net zei een bewoon ster nog: ‘Je hebt altijd van die lekkere warme handen.’ Zo laat ik haar voelen: ik ben er voor je.”

Dit is het voor mij!

Haar moeder? Die zou apetrots zijn op Danique. “Dat weet ik wel zeker”, knikt de kersverse verzorgende IG, die onlangs haar diploma haalde. “Want door haar ben ik in de zorg beland.” De 26-jarige Danique zegt het met een lach, maar er zit ook een traan achter. “Mijn moeder is overleden aan een ongeneeslijke hersenziekte. Samen met mijn vader was ik haar mantelzorger. Het gaf me veel voldoening om haar te ondersteunen. Ik dacht: misschien is de zorg iets voor mij.”

Ze verruilde haar baan als assistent-filiaalmanager bij H&M voor een opleiding tot verzorgende IG. “Bij Kennemerhart werd ik aangenomen voor een BBL-traject van achttien maanden. Dan werk je vier dagen in de week en ga je één dag naar school.” Haar betaalde leerwerkplek werd Meerleven in Bennebroek. “De recruiter van Kennemerhart zei: ‘Dat is een locatie die goed bij je past.’ En ze had helemaal gelijk. Meerleven is kleinschalig en huiselijk. Ik voel me hier fijn en veilig. Iedereen in het team leeft met elkaar mee, in goede en slechte tijden. Ook kan ik hier veel leren. Bijvoorbeeld hoe collega’s palliatieve zorg geven. Heel mooi om te zien hoe ze de bewoner en familie ondersteunen in de laatste levensfase.”

Als dochter heeft Danique zelf ervaren hoe waardevol dat is. “Ik ben heel blij dat ik voor de zorg heb gekozen. Dit is het voor mij! In de zorg kun je altijd een uitdaging vinden. Daar houd ik van. Zo wil ik graag doorleren voor verpleegkundige en dat kan bij Kennemerhart. Maar eerst maar eens ervaring opdoen als verzorgende IG!”

Muziek als motor

We dragen allemaal ons steentje bij om te zorgen voor een waardevolle dag. Muziektherapeut Jacinta vertelt graag hoe zij dat doet. “Via muziek wil ik mensen in hun kracht zetten.”

Kom je voor mij?” Dat vragen bewoners vaak hoopvol, wanneer Jacinta met haar gitaar op de afdeling verschijnt. “Als muziektherapeut ondersteun ik cliënten bij de Janskliniek en Overspaarne. Dat doe ik op verwijzing van de arts of psycholoog. Muziektherapie kan bijvoorbeeld helpen bij het verminderen van onrust. Of bij het stimuleren van de spraak. Daarbij werk ik nauw samen met mijn collega’s, zoals de logopedist. Heeft een cliënt moeite met spreken? Dan volgen we samen een methode die verloopt van zingen en ritmisch spreken naar weer ‘gewoon’ praten.”

Ook bij fysio- of ergotherapie kan muziek helpen, vertelt Jacinta. “Soms is het voor cliënten lastig om motivatie te vinden. Muziek kan dan de motor zijn om in actie te komen. Dat is het mooie: het bereikt alle delen in ons brein. Ook het deel van het brein dat je in beweging zet.”

Voor muziektherapie hoef je niet muzikaal te zijn. “Totaal niet!”, zegt Jacinta. Wat zij het mooiste vindt aan haar vak? “Dat je via muziek contact kunt maken, zonder woorden. Dat maakt het heel waardevol. Bijvoorbeeld ook bij cliënten met een vorm van dementie of niet-aangeboren hersenletsel.”

Samen met de geestelijk verzorger leidt Jacinta ook tweewekelijks de groep ‘Van Muziek naar Verhaal’. “Daar kunnen bewoners hun gedachten en gevoelens delen. Dat levert waardevolle momenten op. Want muziek verbindt, troost, raakt en ondersteunt.”

Jacinta’s doel? “Of je nu in een rolstoel zit of kunt lopen, of je spreekt of niet: via de muziek wil ik mensen in hun kracht zetten.” Om haar werk nog beter te kunnen doen volgt Jacinta de Master Vaktherapie. “Dat zorgt voor nog meer verdieping in mijn vak. Die kennis wil ik graag inzetten binnen Kennemerhart.”

Aandacht en een goed gesprek

Het lichaam behoeft aandacht en zorg, maar dat geldt ook voor de geest. Bij De Rijp speelt geestelijk verzorger Jan Willem daarbij een grote rol. Ben je benieuwd hoe een werkdag van een geestelijk verzorger eruit ziet? We liepen een ochtend met hem mee.

Als je een been breekt, dan krijgt dat been aandacht van de dokter. Daarnaast is het belangrijk dat er aandacht is voor wat er in iemand omgaat. Daarom werkt op alle woonzorglocaties van Kennemerhart en geestelijk verzorger”, vertelt Jan Willem. “Als geestelijk verzorger loop ik een stukje mee in het leven van bewoners. Ik maak ruimte voor wat iemand voelt en denkt. Van vreugde en dankbaarheid tot gemis en verdriet.” Vanmorgen loopt hij een stukje mee met Jeannette Warmenhoven. (foto 1) “Ik ben 94 en heb nog maar weinig bezoek. Het is prettig om met Jan Willem te praten.” Jan Willem: “Wat ik mooi vind aan u, is uw sterke eigen wil. U gaat altijd door en helpt de mensen om u heen.” Mevrouw Warmenhoven knikt. “Dat geeft mijn leven zin. Ik ben dan wel oud, maar ik kan genieten van een boom in bloei, een roodborstje voor mijn raam en fijn contact met anderen.”

 

Naakt nummer drie

Dan stapt Jan Willem een kamer in vol boeken, kranten en kunst. “Goedemorgen, heeft u goed geslapen?”, vraagt hij aan de 92-jarige bewoner. “Niet al te slecht”, is het antwoord. Jan Willem knielt naast het bed voor een klein gesprekje. Al snel gaat het over een print aan de muur. “Dat is Matisse, toch?”, vraagt Jan Willem. Meneer knikt. “Ja, dat werk heet Naakt nummer drie.” Regelmatig komt Jan Willem langs voor een individueel gesprek. “U kwam altijd bij de kerkdiensten. Dat lukt niet meer, omdat u veel in bed ligt. Daarom kom ik wat vaker bij u langs om te vragen hoe het gaat.”

“Fijn dat je aandacht voor me hebt”, zegt meneer tegen Jan Willem, die zelf ook geniet van de gesprekken. “De ene keer hebben we het over hoop, en wat dat voor u betekent. En de andere keer over een artikel in de Financial Times, of over Naakt nummer drie. Daar leer ik weer van.”

 

Steun voor collega’s

Dan is het tijd voor een moreel beraad, met Jan Willem als gespreksleider. (foto 2) “Tijdens zo’n beraad bespreken we met collega’s een ethisch dilemma. Stel: een bewoner met een vorm van dementie heeft hulp nodig bij het wassen en douchen. Maar daarbij duwt diegene steeds de medewerker weg. Aan de ene kant wil je het respecteren als een bewoner zegt: ‘Kom niet aan me.’ Maar aan de andere kant wil je niet dat iemand vervuilt en daardoor mogelijk wonden krijgt. Wat is dan goed om te doen? Daar hebben we het over.”

Ook op andere manieren ondersteunt Jan Willem zijn collega’s. “In de zorg maak je mooie dingen mee, maar ook moeilijke. Daar kan ik collega’s in begeleiden door een luisterend oor te bieden.” Op Overspaarne, waar Jan Willem ook werkt, dacht hij mee over de vraag: wat is goede zorg? “Alles wat we doen, doen we vanuit waarden die we belangrijk vinden. Denk aan aandacht voor elkaar, het  samen doen. Dat zijn waarden die ook belangrijk zijn in de katholieke, protestantse en humanistische levensbeschouwingen. Uit die stromingen zijn we als organisatie ontstaan.”

 

Afscheid

Even later voert Jan Willem een vertrouwelijk gesprek met een bewoner in de laatste levensfase. (foto 3) “Ook dat is een belangrijk onderdeel van mijn werk. In deze laatste fase help ik mensen zoeken naar houvast. Laatst nam een bewoner afscheid van haar kleinkinderen. De familie had gevraagd of ik daarbij wilde zijn. Zo kon ik de bewoner én haar naasten helpen ermee om te gaan.”

 

Japanse boompjes

“Kijk eens!”, zegt Ineke Wijn, als Jan Willem haar kamer binnenkomt. (foto 4) “Er is een nieuwe luxe uitgave van Douwe Dabbert.” Trots laat ze het stripboek zien, getekend door haar inmiddels overleden man. “Samen met Piet heb ik een leuk en veelbewogen leven achter de rug. We woonden in een fijn huis, waar ik na een val plotseling weg moest. Ik mis ons huis, met onze mooie meubels en de Japanse boompjes in de tuin.”

“We hebben het vaak over uw gevoelens van gemis, maar ook over de fijne herinneringen”, zegt Jan Willem. “Vaak vertelt u waar u dankbaar voor bent. Het is belangrijk dat hier aandacht voor is. Daar ben ik voor.” Mevrouw Wijn geeft een klopje op zijn knie. “Ik heb veel aan onze gesprekken.” “Fijn”, knikt Jan Willem. “Een andere bewoner zei laatst na ons gesprek: ‘Eén zo’n contact maakt mijn dag al goed.’ Mooi als ik daarvoor kan zorgen.”

Plezier in bewegen

De Molenburg in Schalkwijk is al twaalf jaar de werkplek van fysiotherapeut Dennis. “Ik werk hier met veel plezier, in een huiselijke sfeer. Als fysiotherapeut heb ik een grote impact op het dagelijks leven van de bewoners, die naar mij worden doorverwezen door de zorg of de arts. Vaak kijken ze al uit naar de therapie en het persoonlijke contact. Ze moeten niet naar de fysio, ze mogen.”

Naast fysiotherapeut is Dennis ook onderzoeker. “Ik doe een promotietraject bij de Universiteit Leiden. Mijn onderzoek richt zich op fysiotherapie bij verpleeghuisbewoners met dementie. Op dit moment is er nog geen richtlijn hoe je deze doelgroep het best behandelingen kunt aanbieden. Daar wil ik graag aan bijdragen, voor toekomstige bewoners. Fijn dat ik hier van Kennemerhart ook de ruimte voor krijg.”

Voor zijn onderzoek interviewde Dennis twee jaar geleden tal van mantelzorgers. “Ik vroeg wat zij van de fysiotherapeut verwachten. Zij gaven unaniem aan: ik wil dat mijn naaste wordt behandeld met aandacht, en met oog voor de kwaliteit van leven. Geen van de mantelzorgers had het over meer spierkracht, of dat iemand snel moet leren lopen. Dat was voor mij een eyeopener. Ik heb toen meteen mijn werkwijze aangepast. Zo ben ik gestart met groepstherapie voor mensen met dementie. Daarbij is vooral aandacht voor plezier in bewegen. Voorheen wilde een bewoner tijdens één-op-één therapie soms al na vijf minuten weg. Nu zie ik bewoners met een grote glimlach op hun gezicht oefeningen doen. En na afloop vragen ze: ‘Wanneer mag ik weer?’ Dat maakt mijn werk enorm leuk. Bewegen doe je niet alleen om sterker te worden, of om je balans te verbeteren. Het draagt ook bij aan de kwaliteit van leven. Bewoners worden vrolijker, blijven zelfstandiger, hebben meer energie. Hoe fijn is het om na het wassen en aankleden nog energie te hebben voor een bezoek van je kleinkind?”

Geen dag is hetzelfde

Verzorgende IG Iris Kort (28) werkt al zes jaar bij Kennemerhart. “Al die tijd werkte ik bij Schoterhof in hetzelf de team. Heel leuk, maar het werd een beetje routine. Daarom heb ik me aangemeld voor de flexpool. Het leek me interessant om meer te zien van Kennemerhart. Ook al zijn we één organisatie, elke locatie heeft zijn eigen sfeer.” Met een flexcontract voor 32 uur heeft Iris zekerheid én flexibiliteit. “Ik heb een vast dienstverband met pensioenopbouw, vakantiegeld en een vast salaris. Dat is ook fijn voor als ik in de toekomst een huis wil kopen”, aldus Iris, die op zes locaties avond- en nachtdiensten draait. “Geen dag is hetzelfde.

De grote diversiteit aan bewoners en zorgvragen houdt me scherp.” Als flexer werkte Iris pas voor het eerst met bewoners met een vorm van dementie. “Dat blijk ik dus enorm leuk te vinden! En ik word overal warm ontvangen. Collega’s zijn blij dat ik open diensten kom invullen en ik leer veel collega’s kennen. Werken als vaste flexer is afwisselend, veelzijdig én vertrouwd.”

Bij Overspaarne werkt Iris Kort vaak samen met verpleegkundige Iris Nijemanting van Schooneveld (50). “Ik werk al 34 jaar in de zorg. Vorig jaar ben ik bewust gaan flexen. Ik vind het leuk om in verschillende huizen te kijken hoe ze werken. Zo vond ik bij de Janskliniek de revalidatie voor cliënten met niet-aangeboren hersenletsel heel interessant. Op dit moment ben ik als flexer gedetacheerd bij Overspaarne. Daar vul ik verpleegkundige diensten in op verschillende afdelingen. Als flexer neem ik mijn ervaring mee, maar ik leer ook weer van mijn collega’s.”

Een ander voordeel van flexen? “Ik plan mijn eigen rooster. Zelf bepalen waar en wanneer ik werk geeft zoveel vrijheid. Maar het is niet vrijblijvend. Gemiddeld werk ik 28 uur per week en ik draai ook weekend- en avonddiensten. Dan gaan mijn man en ik op woensdag samen wat leuks doen. Heerlijk dat ik dat zelf kan beslissen!”

Hulp is altijd dichtbij

In een Haarlems hofje woont Fien Berkhout (70). Zij heeft de ziekte van Parkinson. “Vanuit Kennemerhart krijg ik veel steun en begeleiding.” Ergotherapeut Steefie en fysiotherapeut Yoran zijn haar gouden krachten.

“Na mijn diagnose stond mijn leven ineens op z’n kop”, aldus mevrouw Berkhout (“Zeg maar Fien.”). “Maar gelukkig krijg ik vanuit Kennemerhart veel steun en begeleiding.” Vandaag is ergotherapeut Steefie bij haar thuis. “Ik begeleid Fien al vijf jaar.” “Wat leuk, een lustrum!”, aldus Fien. “Dat moeten we vieren!”

 

Naar de Appie

“Ik help Fien met van alles”, vervolgt ergotherapeut Steefie. “Onder andere met haar dagstructuur, Voor mensen met parkinson is het belangrijk om goed je grenzen te bewaken. Dus gaat Fien ’s avonds met vriendinnen uit eten? Dan denk ik mee: hoe kun je de rest van de dag indelen?”

“We zijn ook samen naar de Albert Heijn gegaan”, vertelt Fien. Steefie knikt. “Fien woont in het drukke centrum. Samen oefenen we met een vaste route en routines, met zo min mogelijk prikkels. Want bij stress worden de tremoren erger.”

“Klopt, dan ga ik meer trillen”, aldus Fien, die hierbij ook ondersteuning krijgt van fysiotherapeut Yoran. “Oversteken is voor mij lastig. Ik moet links en rechts kijken, met mijn rollator de stoep af, dan weer kijken. Daar heb ik veel op geoefend met Yoran.”

En heeft Fien een hulpmiddel nodig, zoals een trippelstoel of een speciale bril? Ook dan denken Yoran en Steefie mee.

 

Gouden mensen

“En soms weet ik ineens niet meer waar ik ben”, vertelt Fien. “Dat had ik gisteren in de bus. Op zo’n moment denk ik: wat zeggen Steefie en Yoran ook alweer? Ik ben toen ademhalingsoefeningen gaan doen, zoals ze me hebben geleerd. En toen wist ik het weer: o ja, ik zit in de bus naar Hoofddorp. Yoran en Steefie zijn altijd dicht bij me voor hulp. De één zit op mijn linkerschouder, de ander rechts.” Dan, met een lach: “Het is trouwens wel dringen op mijn schouders, want ik heb veel hulpjes. Familie en vrienden doen veel voor me, zoals mijn zus. Zij coördineert alle medische dingen. Heel fijn!”

 

Veel kennis in huis

Het eigen netwerk is altijd de basis. Kennemerhart zorgt voor ondersteuning waar nodig, met ruime expertise op het gebied van parkinson. Zo zijn Steefie en Yoran lid van het Kennemerhart kernteam parkinson, samen met collega’s die zijn aangesloten bij ParkinsonNet. “We zijn allemaal gespecialiseerd in het behandelen en begeleiden van mensen met parkinson”, vertelt Steefie. “Wij begeleiden cliënten op de woonzorglocaties, maar ook in de thuissituatie. En ook collega’s van Kennemerhart kunnen altijd bij ons aankloppen voor hulp en tips. Bijvoorbeeld als er een nieuwe bewoner of cliënt is met parkinson. We dragen graag onze kennis over.”

Vanuit het kernteam parkinson heeft Fien ook ondersteuning gehad van een psycholoog, diëtist en logopedist. Laatst kwam ik de logopedist weer tegen in de Janskliniek. Ze zei: ‘Zo te horen heb je goed geoefend.’ Ik was zo trots als een pauw!” Vanuit Kennemerhart krijgt Fien ook huishoudelijke hulp. “Maar ik help wel mee, hoor! Stoffen doe ik zelf”, vertelt Fien in haar knusse hofjeswoning. “Ik wil hier zo lang mogelijk blijven wonen. En ik wil zo lang mogelijk leuke dingen blijven doen.” Dan, tegen Steefie: “Ik zag net op mijn smartphone dat er morgen een zonnetje is. Dan wil ik de trein naar Zandvoort pakken.”

“Goed idee, Fien”, knikt Steefie.

Dus dat wordt op naar Zandvoort, met twee gouden krachten op haar schouders.

 

Wil jij ook iets betekenen voor mensen met de ziekte van Parkinson en werken in een multidisciplinair team? Bekijk dan eens onze vacatures.

Ieder z’n eigen verhaal

Karin werkt als verpleegkundige bij A.G. Bodaan in Bentveld. Ze vertelt over die ene cliënt die ze nooit zal vergeten.

Ik werk op de revalidatieafdeling. Op een dag kwam hier een nieuwe cliënt binnen. Deze mevrouw was door haar huisarts in zorgelijke toestand thuis aangetroffen. Ze had meerdere lichamelijke problemen. Daarnaast had ze zichzelf verwaarloosd. Bij ons kwam ze revalideren en aansterken. Maar dat was niet eenvoudig, want ze wilde niet uit bed. Niet naar therapie. Ze was vooral boos en opstandig. Anders benaderen Het is mens-eigen om dan in discussie te gaan. ‘Maar therapie is goed voor u.’ Ik besloot dat niet te doen. Als ze boos was, liet ik haar eerst uitrazen. Vervolgens ging ik kijken: kan ik haar op een andere manier benaderen? Met het team hebben we hier ook een plan voor gemaakt, samen met onder meer de arts, psycholoog en fysiotherapeut. Hoe kunnen we samen zorgen dat ze haar oefeningen doet? Al snel kwamen we erachter dat voor deze mevrouw controle heel belangrijk is. Doordat ze ineens niet meer thuis was, had ze het gevoel dat ze niet meer zelf kon bepalen wat ze deed. We hebben haar heel bewust laten weten dat ze wél eigen regie heeft. Bijvoorbeeld door samen met haar een dagschema te maken. Toen begon ze langzaam te ontdooien.

Band opbouwen
Op een ochtend kwam ik haar kamer binnen. Ze werd niet boos, zoals eerst. Ze zei me vriendelijk gedag. ‘Ben je eigenlijk getrouwd?’, vroeg ze. ‘Heb je kinderen?’ Ze begon interesse te tonen in mij en mijn collega’s. Zo bouwden we een vriendschappelijke band op. We hadden ook regelmatig goede gesprekken. Over haar werk, haar verleden. Weet je meer van iemands achtergrond? Dan snap je ook beter wat er achter bepaald gedrag zit.

Kleine stappen, grote mijlpalen
Door de positieve aandacht zagen we haar opknappen. Ook de regelmaat en het gezonde eten deden haar goed. En zo waren er steeds mooie mijlpalen. De eerste keer dat ze uit bed kwam. De eerste keer dat ze zelfstandig naar het toilet kon. De eerste keer dat ze zelf haar broodje kon smeren. Kleine dingen, maar zo belangrijk! Stap voor stap werd ze steeds zelfstandiger. Tot ze na een paar maanden naar huis kon. Daar kreeg ze passende ondersteuning van de thuiszorg. En het mooie is: ze verviel niet in haar oude patroon van verwaarlozing. Ze doet het heel goed. Het verhaal erachter Dit verhaal is een voorbeeld waarom ik mijn werk in de revalidatie zo mooi vind. Mensen komen soms compleet afhankelijk binnen. Negen van de tien keer gaan ze na een paar weken weer zelfstandig naar huis. Mijn werk is elke keer weer uitdagend en afwisselend. Elke cliënt heeft een andere zorgvraag; de één heeft een gebroken knie, de ander moet aansterken. En elke cliënt heeft een eigen verhaal. Júíst dat verhaal is zo belangrijk. Daarom is onze zorg persoonsgericht, waarbij we ons verdiepen in de mens. We kijken altijd verder dan die gebroken knie.

In verband met de privacy van de cliënt zijn sommige details aangepast.

Wil jij ook graag werken in de ouderenzorg? Ontdek onze vacatures.

“Ik ben hier gelukkig”

Een nieuwe carrière? Die heeft Ilse (38) te danken aan de coronapandemie. “Ik werkte in de horeca, toen in 2020 alles stil kwam te liggen. Ik ging toen nadenken: wil ik dit werk nog wel doen? Toen zag ik een vacature voor zorgassistent bij Huis in de Duinen in Zandvoort. Er stond: ‘Het maakt niet uit of je een zorgdiploma hebt. Als je maar een zorghart hebt.’

”Dat bleek Ilse te hebben. “Ik ben gaan werken op de afdeling voor mensen met dementie. Dat past helemaal bij mij. Ik ben hier gelukkig.” Na een paar maanden kreeg Ilse de kans om de driejarige opleiding tot verzorgende IG te volgen. “Ik ben nu bezig met de laatste loodjes. Geweldig, ik heb zoveel geleerd! Drie jaar geleden had ik nooit kunnen denken dat ik zou kunnen injecteren, of iemand zwachtelen. Ook heb ik veel geleerd over dementie en onbegrepen gedrag. Niet alleen op school, maar ook van collega’s. Die zijn heel betrokken bij mijn leerproces. Vaak zegt een collega: ‘Ilse, wil je meekijken?’ Bijvoorbeeld als het gaat om wondverzorging. Vanuit Kennemerhart wordt ook veel scholing aangeboden. Laatst heb ik nog training gevolgd om collega’s te trainen op het gebied van agressiepreventie. Mooi om mijn kennis zo weer door te geven binnen het team.” Kiezen voor een nieuwe carrière in de zorg? Ilse kan het iedereen aanraden. “Voor mij is dit een waardevol beroep. Je dóét er echt toe voor de bewoners. Als ik ’s ochtends iemand wakker maak die zegt ‘ik ben blij je te zien’, dat is toch prachtig?”

Heb jij, net als Ilse, ook een zorghart? Bekijk dan eens onze vacatures.